Over de relatie tussen vrijhandel en vrijheden als stakingsrecht

Als u dit leest op mijn gloednieuwe website, ben ik met de milieucommissie van het Europees Parlement op werkbezoek in Washington DC om onze Amerikaanse collega's te horen en te zien hoe zij omgaan met milieuwetgeving. Zo krijgen we inzicht in hoe het Amerikaanse milieubeschermingsagentschap en het departement landbouw werkt en gaan we in gesprek met ngo's over thema's zoals het algemene gezondheidsbeleid, voedselveiligheidsregels en samenwerking tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten in de Trans-Atlantische consumentendialoog.

Gelukkig weten steeds meer mensen intussen wel dat er zwaar onderhandeld wordt over een vrijhandelsakkoord tussen de VS en de EU. En daar bestaat terecht in verband met dit soort thema's véél ongerustheid over. Dit bezoek sluit dus ook nauw aan bij mijn opinieverslag dat ik schreef over dat gecontesteerde EU-VS vrijhandelsverdrag (TTIP) en dat binnenkort gestemd wordt in de milieucommissie. Wat me opvalt tijdens dit bezoek is dat de Europese bezorgdheden over het verdrag niet anders zijn dan die van veel Amerikaanse burgers en de civiele maatschappij als het aankomt op sociale en culturele rechten, transparantie, milieuwetgeving en de klimaatuitdagingen.  

EU-VS vakbondgenoten

Wat betreft sociale verworvenheden schreven het Europees Vakverbond (ETUC) en zijn Amerikaanse tegenhanger 'the American Federation of Labor-Congress of Industrial Organizations' (AFL-CIO) een gezamenlijke verklaring over het beoogde EU-VS vrijhandelsverdrag. Daarin stellen ze dat sociale rechten van werknemers niet aanzien mogen worden als handelsbarrières en dat het vrijhandelsverdrag de bescherming van werknemers, zoals vastgelegd in nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten, niet ondermijnd mag worden. Ik onderschrijf deze visie volledig. Het stakingsrecht is een fundamenteel basisrecht en werd vastgelegd in talloze democratisch tot stand gekomen overeenkomsten, zoals de conventie 87 van de International Arbeidsorganisatie (ILO), in artikel 11 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en in artikel 28 van het Handvest van de Grondrechten van de EU. Dit zijn bepaald geen vodjes papier! 

Stakingsrecht in uitverkoop

Sinds 2012 zijn de werkgevers en werknemers het niet meer eens over de interpretatie van het stakingsrecht en trekken werkgeversorganisaties de capaciteit van de ILO als toezichthouder van het stakingsrecht in twijfel. Lees daarover zeker de reeks van Luc Cortebeeck over 'de ILO in crisis', waarin hij stelt dat 'de aanval op het stakingsrecht en de sociale conventies op wereldvlak aantonen dat die economische netwerken geen sociale regulering dulden'. Zij die daarom suggereren dat vrijhandelsverdragen als TTIP de sociale normen in de VS omhoog zullen tillen, beweren eigenlijk dat het water van rivieren voortaan bergopwaarts zal stromen. 

Ook in 2012 nog probeerde de Europese Commissie, via het zogenaamde Monti-II-voorstel, het stakingsrecht in te perken door werknemersrechten op gelijke voet te stellen met de vrijheid van bedrijven om zich overal te vestigen. Dit werd toen tegengehouden doordat enkele nationale lidstaten verzet aantekenden wegens schending van het subsidiariteitsbeginsel. De huidige commissaris voor werkgelegenheid en sociale zaken, Marianne Thyssen, vermeldde tijdens een debat over stakingsrecht (in Straatsburg in februari 2015) dat 'de EU slechts waarnemer is bij de ILO en niet kan tussenkomen over inhoudelijke kwesties, want dit is een zaak voor de lidstaten', maar dat ze 'er alles zal aan doen om te helpen tot een positief resultaat te komen'. Wat ze met 'positief' bedoelde bleef evenwel onduidelijk. Daarom zal ik dit alvast van nabij opvolgen om ervoor te zorgen dat er zich in de nabije toekomst geen stiekeme herhaling van het Monti-II debacle kan voordoen.   

In België is het stakingsrecht helaas niet wettelijk geregeld, maar wordt het wél bekrachtigd in het Europees Sociaal Handvest waarin het recht om te staken als sociaal grondrecht wordt vermeld. Dat grondrecht staat vandaag overal onder druk, ook in België. Zo is er sprake om een 'minimale dienstverlening' in te voeren bij stakingen en zijn er voorstellen om het 'recht op werken' te garanderen, wat kadert in de tendens om het stakingsrecht vanaf de jaren 1970 te juridiseren. Zelfs bij het opkomen voor zwaar bevochten sociale rechten, sluipt het rendementsdenken binnen. Het is een symptoom van het neoliberale politieke klimaat, dat suggereert dat staken eigenlijk een onverantwoorde bezigheid is die de economie schaadt. Daarover organiseert het Progress Lawyers Network nu vrijdag (20/03) een congres waarbij ze gaan kijken naar de laatste juridische ontwikkelingen op internationaal, Europees en Belgisch niveau. 

Actie stop TTIP

Op 18 februari 2015 namen het Internationaal en Europees Vakverbond nog deel aan de Wereldactiedag voor de verdediging van de vakbondsvrijheid en het stakingsrecht. En op 29 maart organiseert Hart boven Hard in Brussel de Grote Parade waarbij men aandacht vraagt voor bestaande alternatieven op het harde besparingsbeleid van onze regeringen en om mens en planeet vóór eenzijdig economisch profijt te plaatsen. Het huidige economische model versterkt de groeiende ongelijkheid, die volgens vele economen en internationale instellingen zoals ILO, de Wereldbank, de OESO en het IMF (die laatste zijn nu niet echt syndicale organisaties) een basis van sociale onrust en van maatschappelijke instabiliteit is. Men leze het boek The Spirit Level (Wilkinson en Picket) om de wetenschappelijk onderbouw te leren kennen van wat voor geldverslindende en mensonterende effecten sociale ongelijkheid teweeg brengt.   

Ik vind het alvast een heel goede zaak dat verenigingen en vakbondsorganisaties allerhande van zich laten horen, dat burgers zich engageren en opnieuw de straat opgaan. Want eens te meer blijkt dat verworven rechten telkens opnieuw verdedigd moeten worden. Dat democratie een werkwoord is en niet iedereen er dezelfde ideeën op nahoudt over hoe die democratie moet worden ingevuld. Het EU-VS vrijhandelsverdrag zoals het nu onderhandeld wordt, is ontegensprekelijk een schending van onze basisdemocratie. En dat is onaanvaardbaar. ETUC en AFL-CIO stellen dat "TTIP must work for the people, or it won't work at all". Ik zou hen, maar ook de Belgische vakbonden en Hart boven Hard organisaties willen oproepen om massaal verzet aan te tekenen tegen TTIP en hun leden te informeren. Het zijn mensen die voor mensen werken. Economische winstmaximalisatie en aandeelhouderswaarde kan geen doel op zich zijn, al wordt het door velen met een zekere arrogantie wél zo voorgesteld. Wat we nodig hebben in Europa is: meer mens en milieu, minder markt en munt! 

GroenDe enige partij die sociaal én milieuvriendelijk is.

www.groen.be

De Groenen/EVAGroenen en Europese Vrije Alliantie in het Europees Parlement.

www.greens-efa.eu

Sympathisant, ijveraar, pertinente vraag of melding...?