Té digitaal wordt onze samenleving langzaam kil en schraal

Er bestaat een link tussen het gecontesteerde NMBS-besluit om de aankoop van buitenlandse treintickets aan het loket duurder te maken en sociale verarming. En het is een verband waar politici, organisaties en burgers van goede wil het veel meer over moeten hebben. Een sociaal-ethisch maatschappelijk debat is dringend nodig, en het gaat daarbij om veel meer dan louter werkgelegenheid. Het gaat ook om veel meer dan discriminatie door banken en openbare vervoersbedrijven van mensen die naast analfabeet of laaggeletterd, logischerwijs ook digibeet zijn, of mensen die vanuit kansarmoede ook geen toegang hebben tot internet.

Sociale verarming tast de vezels van onze samenleving tot in de kern aan. Het leidt tot verrotting, waarvan de geur bij iedere (Europese) verkiezing steeds penetranter begint te ruiken. Naast een groeiende kloof tussen rijk en arm - een rechtstreeks gevolg van drie decennia van enthousiaste liberalisering, deregulering en aftakeling van overheidstaken - is sociale verarming een belangrijke verklaring voor de alsmaar killer en harder wordende maatschappelijke verhoudingen. Daar vloeit ‘het Grote Onbehagen’ uit voort dat zich in vele lagen van de bevolking doet voelen.

In politiek opzicht vertaalt zich dat in vele Europese landen in de populariteit van populistische, extreemrechtse en xenofobe partijen. Veel mensen hebben een nostalgisch verlangen naar een samenleving waar er veel directe sociale contacten zijn.

Het Nederlandse onderzoeksbureau Motivaction typeerde de Nederlandse PVV/Wilders-stemmer in 2009 bijvoorbeeld als volgt: ‘Ontevreden over de wereld, minder vertrouwen in de samenleving en de overheid, focust vooral op de eigen leefwereld, met minder ruimte voor empathie, kwetsbaarheid, milieubewustzijn en spiritualiteit’.

Veel meer dan de ‘mondiaal bewuste netwerkers’ hechten juist deze groepen veel waarde aan direct sociaal contact, een gevoel van geborgenheid en veiligheid. Vandaar de grote impact die de komst van groepen kansarme migranten in bepaalde steden had en heeft. Maar waar in naam van de moderniteit weinig over wordt gesproken is het ‘Orwelliaanser’ worden van samenlevingen. De wereld van veel directe sociale contacten, werd én wordt in naam van de vrije markt, efficiëntie en winstmaximalisatie al decennia bedolven onder een lawine van beton- en vastgoedboeren, grote winkelcentra, doorgedreven digitale dienstverlening en de welwillende houding van allerhande lokale en nationale besturen.

Lokale winkels waar je een praatje kon maken, worden weggedrukt door grote supermarkten, met zwijgende, chagrijnige lange rijen aan de kassa. Wie een mediabedrijf, energieleverancier of telecom-moloch belt met een vraag of een klacht, krijgt vaak de keuze uit ‘toets een 1 t/m 8’. Krijg je wel iemand aan de lijn dan volgt geen gesprek maar een protocol. Zoals publicist Rik Smits onlangs in de Volkskrant schreef: ‘ Het is een kafkaëske wereld van kastjes en muren, verstoken van empathie of echt contact .’ De titel van zijn stuk was treffend: ‘ Tussen het kastje en de muur ligt sociale woestenij’ . En voor de steeds angstiger burgers in hun moderne dienstverleningsparadijs wordt stap voor stap de beroemde uitspraak van Sartre waarheid: ‘ De anderen zijn de hel’ .

Zoals mijn groene collega Luckas Vander Taelen afgelopen week in De Standaard schreef: ‘ Het begint altijd op dezelfde manier: men stelt veranderingen voor als een vooruitgang. Het lijkt inderdaad sneller en gemakkelijker om van achter je computer tickets te bestellen, in plaats van aan te schuiven in een eindeloze rij. Maar voor je het weet, heb je de keuze niet meer en wordt de gewone dienstverlening afgeschaft. Weg loketten, weg menselijk contact .’ Terecht klaagt hij aan dat de 'vooruitgang' ervoor heeft gezorgd dat de gebruikers van openbaar vervoer hoe langer hoe meer enkel nog door machines bediend worden, ‘met als nefast effect dat er minder sociale controle is en het onveiligheidgevoel bij de reiziger groter wordt’.

Wantrouwen

Dit gebeurt allemaal in de naam van vooruitgang en economische groei. Of zoals de helaas veel te vroeg gestorven Britse historicus en schrijver Tony Judt schrijft in zijn laatste boek ‘Het land is moe’: ‘ Het materialisme en het egoïsme die het hedendaagse leven kenmerken, zijn niet inherent aan de natuurlijke toestand van de mens. Veel van wat vandaag de dag ‘vanzelfsprekend’ lijkt - de obsessie met het scheppen van rijkdom, de voorliefde voor privatiseringen en de particuliere sector, de groeiende ongelijkheid tussen rijk en arm - dateert uit de jaren tachtig van de vorige eeuw. En dat geldt zeker voor de retoriek waarmee die kenmerken gepaard gaan: kritiekloze bewondering voor een onbegrensd vrije markt, minachting voor de publieke sector en het waandenkbeeld van de onbeperkte groei. We kunnen niet op deze wijze blijven doorgaan’ .

Judt beschrijft dat juist in landen als de VS en Groot-Brittannië er een toename is van (geestes)ziekten, stress en criminaliteit, een tendens die gelieerd is aan inkomensongelijkheid. ‘ Zelfs de mate waarin we onze medeburgers vertrouwen correspondeert negatief met inkomensverschillen: tussen 1983 en 2001 steeg het wantrouwen aanmerkelijk in de VS, UK en Ierland, drie landen waar de dogma’s van het onbeperkte individuele eigenbelang zo nadrukkelijk in het overheidsbeleid zijn opgenomen. In geen enkel ander land deed zich een vergelijkbare toename in het wederzijdse wantrouwen voor .’

De donkere ironie van veel recente verkiezingen in de EU is dan ook dat juist veel mensen die zich bedreigd voelen door grote maatschappelijke verschuivingen en veranderingen, uitgerekend extreemrechts of liberaal rechts stemmen. En dat zijn nu net die partijen die een sociaal-economisch beleid voorstaan dat leidt tot sociale desintegratie en een grote kloof tussen rijk en arm. Ook linkse partijen gingen in de fout: ze bewandelden na de val van de muur en het communisme kritiekloos de liberale derde weg en raakten daarbij zelf de weg kwijt. Judt: ‘ Als links weer serieus genomen wil worden, moet het zijn stem hervinden. Er is vanalles om boos over te zijn: van de toenemende ongelijkheid in rijkdom en kansen, de onrechtvaardigheid tussen de klassen en kasten en de economische uitbuiting in binnen- en buitenland tot corruptie, de manier waarop geld en privileges de slagaderen van de democratie doen dichtslibben. Het is tegenwoordig niet langer voldoende de tekortkomingen van ‘het systeem’ te benoemen en dan als Pilatus af te wachten, onverschillig voor de gevolgen. De onverantwoorde manier waarop de afgelopen tientallen jaren voor de show retoriek werd bedreven, heeft links geen goed gedaan ’.

Ouwe aap

Waarom laten we alles over ons heen komen als dat alles zo’n nefaste impact heeft? Judt citeert Tolstoj: ‘Er bestaan geen omstandigheden in het leven waar mensen niet gewend aan kunnen raken, zeker wanneer men ziet dat ze overal om hen heen worden aanvaard’. De verkilling en de sociale armoede wordt langzaam aanvaard, maar gelukkiger worden we er niet van. Wel chagrijniger, meer rancuneus, boos en hongerig op zoek naar (de verkeerde) zondebokken.

Smits schreef dat wij evolutionair gezien een ‘ouwe aap’ bleven of iets hoffelijker gezegd ‘sociale dieren’ zijn gebleven. De behoefte aan direct en dagelijks sociaal contact is groot. De mens floreert volgens Smits het best in ‘duidelijke posities binnen samenhangende, tamelijk hiërarchisch georganiseerde groepen waar men zich letterlijk en figuurlijk op zijn plaats voelt’.

Maar in de hierboven beschreven wereld, nog eens dramatisch versterkt door de wonderen van de moderne ‘twitter-telecommunicatie’, voelen steeds meer mensen zich juist niet op hun plaats of goed in hun vel. Schaalvergroting en technologie filteren het directe contact vakkundig weg terwijl het een oerbehoefte is van de mens.

Eén dezer komt de Europese Commissie met een verklaring over de postdiensten in de EU. Te vrezen valt dat dezelfde neoliberale retoriek de vrijmaking van de postdiensten per 1 januari 2011 zal bewieroken. Net zoals de vrijmaking van de energiemarkten zal ook dit ongetwijfeld weer leiden tot lagere prijzen en betere dienstverlening voor de burgers. Hallo mijnheer de Uil, euh… ik bedoel mijnheer Barosso! Gelooft u nog steeds in dezelfde liberale sprookjes? De man en vrouw die nu nog achter de loketten van de Post of de NMBS werken allang niet meer. ‘Waarom maakt de overheid niet gewoon een wet die bepaalt dat er minimaal 4 spelers op de energiemarkt actief moeten zijn?,’ vroeg een man die mij met veel tegenzin 7 euro extra moest aanrekenen voor een internationaal treinticket. De man besefte donders goed dat hij zijn eigen baan mee om zeep zat te helpen, ook al ontkent de NMBS dat in alle toonaarden.

De NMBS, de Post en alle andere bedrijven die ooit in de eerste plaats publieke dienstverleners waren in plaats van winstmachines zouden moeten beseffen dat kaartjes verkopen aan een loket van de ene mens aan de andere, wellicht niet zoveel winst oplevert in financiële zin, maar des te meer voor de samenleving als geheel. De maatschappelijke en politieke vraag waar wij dringend over moeten beginnen en durven debatteren is of wij als samenleving bereid zijn weer in het collectief te investeren. Kiezen we voor gemeenschappelijke samenhang of laten we ons rustig voort dobberen richting sociale woestijn? Wachten we tot het agressieve neoliberalisme à la Wall Street zijn eigen ‘val van de muur’ creëert? In 2008 was het bijna zo ver. De volgende keer is er wellicht geen collectieve overheid meer die de brokken nog zal kunnen lijmen.

Bart Staes

GroenDe enige partij die sociaal én milieuvriendelijk is.

www.groen.be

De Groenen/EVAGroenen en Europese Vrije Alliantie in het Europees Parlement.

www.greens-efa.eu

Sympathisant, ijveraar, pertinente vraag of melding...?