Wijziging van artikel 296, lid 1, punt b) van het EG-Verdrag
De Belgische federatie heeft op 15 december 2000 beslist haar legeraankopen niet langer te koppelen aan economische compensaties voor bedrijven in Vlaanderen en Wallonië. In de notificatie van de ministerraad voor een bestelling van nachtkijkers staat: "De Raad (de Belgische regering/nvdr) bevestigt dat bij toekomstige bestellingen er geen clausule van economische compensaties meer zal zijn." Tot dan streefde de regering ernaar zoveel mogelijk orders van elke miljardenbestelling voor het leger te plaatsen bij "Belgische" bedrijven. Deze compensaties gingen steeds gehuld in een sfeer van protectionisme en affairisme omdat de besluitvorming afwijkt van het marktmechanisme. De Belgische dossiers van de F16-gevechtsvliegtuigen en de Agusta-helicopters zijn daar twee schoolvoorbeelden van. De beslissing van de Belgische regering verdient navolging op Europees niveau. Door een einde te maken aan nationaal-economische compensaties kan de aankoop van militair materiaal in de toekomst op een transparante en marktconforme manier verlopen, wars van protectionisme en affairisme. Ook de doelstellingen van de Snelle Europese Interventiemacht, zoals afgesproken in Helsinki, noodzaken een nieuwe aanpak voor militaire bestellingen. Conform artikel 296, lid 2 van het EG-Verdrag kan de Raad "met eenparigheid van stemmen op voorstel van de Commissie wijzigingen aanbrengen in de lijst van de producten waarop de bepalingen van lid 1, punt b), van toepassing zijn, die hij op 15 april 1958 heeft vastgesteld". Lid 1, punt b) van artikel 296 laat de lidstaten toe om voor legeraankopen af te wijken van het algemeen geldende mededingingsbeginsel (Titel VI van het EG-Verdrag). Door de reikwijdte van artikel 296, lid 1, punt b) te wijzigen kan de aankoop van legermateriaal in de toekomst op een marktconforme manier verlopen. In concreto moet de Commissie aan de Raad voorstellen alle militaire "producten" te schrappen van de lijst met producten waarop de bepalingen van lid 1, punt b) van toepassing zijn, en die de Raad op 15 april 1958 heeft vastgesteld. Zal de Commissie conform artikel 296, lid 2 van het EG-Verdrag een voorstel voorleggen aan de Raad om alle militaire "producten" te schrappen van de lijst met producten waarop de bepalingen van lid 1, punt b) van toepassing zijn, en die de Raad op 15 april 1958 heeft vastgesteld? Zo neen, waarom weigert de Commissie zo'n voorstel uit te werken, gezien de behoefte eraan in het licht van de ambitieuze doelstellingen van de Snelle Europese Interventiemacht, zoals afgesproken in Helsinki?
GroenDe enige partij die sociaal én milieuvriendelijk is.

www.groen.be

De Groenen/EVAGroenen en Europese Vrije Alliantie in het Europees Parlement.

www.greens-efa.eu

Sympathisant, ijveraar, pertinente vraag of melding...?