Impact van vleesconsumptie op klimaat - Schriftelijke Vraag E-5544/08

De vleesproductie is een belangrijke oorzaak van de opwarming van de aarde, ze is verantwoordelijk voor tot 18 % van de totale uitstoot van broeikasgassen (1). Naast de negatieve effecten op het klimaat, is een hoge vleesconsumptie ook schadelijk voor de gezondheid: het risico op hart- en vaatziekten, overgewicht, diabetes en sommige kankers vergroot.

Een persoon die dagelijks vlees eet en één maal per week vegetarisch, bespaart per jaar al 170 kg CO2. Dat staat gelijk aan 1.100 km met de auto.

Recent verscheen een studie van het Nederlandse Milieu en Natuur Planbureau (2) waarin een aantal scenario's wordt onderzocht over de gevolgen van verminderde vleesconsumptie op de broeikasgasuitstoot en kosten voor het klimaatbeleid.

Volgens die studie zouden bij een ambitieuze klimaatdoelstelling de kosten voor klimaatbeleid bij een lagere vleesconsumptie over de periode 2000-2050 tot 50 % lager kunnen uitvallen dan bij voortzetting van het huidige consumptiepatroon.

Onlangs onderschreven heel wat milieu- en andere organisaties een reeks beleidsaanbevelingen rond vleesmatiging (3). Eén ervan is dat de EU de steun aan intensieve veeteelt afbouwt, die was in 2007 goed voor 3,5 miljard euro.

Is de Commissie op de hoogte van de recente studies van onder meer FAO en MNP die het verband tussen vleesconsumptie en klimaat uitwerken?

Is de Commissie bereid in het kader van een breed klimaatbeleid aandacht te schenken voor een beleid van vleesmatiging? Zo ja, welke maatregelen zou zij dan voorstellen?

Overweegt de Commissie de steun aan de intensieve veeteelt in de nabije toekomst af te bouwen of anderszins meer duurzame landbouw te promoten?

(1) http://www.fao.org/docrep/010/a0701e/a0701e00htm.

(2) http://www.mnp.nl/nl/publicaties/2008/Vleesconsumptie-en-klimaatbeleid.html.

(3) http://www.vegetarisme.be/index.php?option=com_content&view=article&id=155&ID=243.


***

ANTWOORD VAN COMMISSARIS FISCHER-BOEL (op 26 november 2008)

De Commissie is het ermee eens dat het verband tussen de hoge algemene vleesconsumptie en de klimaatverandering een thema is dat meer onderzoek verdient, niet alleen om de klimaatverandering af te remmen, maar ook wegens de gevolgen die zij heeft op de menselijke gezondheid. De Commissie overweegt echter geen specifiek beleid om vleesconsumptie terug te dringen.

Het Gemeenschappelijk centrum voor onderzoek (GCO) heeft onlangs de opdracht gekregen een onderzoek te starten om een betrouwbaar antwoord te kunnen geven op de groeiende politieke en sociale bezorgdheid in verband met de bijdrage die de veestapel levert aan de klimaatverandering en om een nauwkeurige schatting te kunnen maken van de totale invloed van de veestapel in de EU op de klimaatverandering. In deze studie zal dezelfde op de levenscyclus gebaseerde aanpak worden gevolgd als in de FAO-studie waarnaar in de vraag wordt verwezen.

De Commissie is op de hoogte van de studie van de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) maar is van mening dat de conclusies niet zonder meer gelden voor de veestapel in de EU. Volgens de schatting van het verslag is de veestapel op wereldniveau verantwoordelijk voor 18 % van de uitstoot van broeikasgassen, met sterke verschillen van land tot land. Van de geschatte bijdrage van 18 % aan de wereldwijde uitstoot is 9 % afkomstig van de uitstoot van koolstofdioxide door landschapsveranderingen veroorzaakt door veeteelt, zoals ontbossing en omzetting van andere waardevolle natuurlijke landschappen in graasweiden en akkerland. Men gaat ervan uit dat de veestapel een groter aandeel heeft in de uitstoot dan transport. De Commissie beschouwt dit echter niet als een aanvaardbare vergelijking omdat het transportaandeel niet is gebaseerd op een levenscyclusanalyse, in tegenstelling tot het veehouderijaandeel, maar wordt vermeld in de overzichten van de Intergouvernementele werkgroep inzake klimaatverandering (IPCC). Gegevens die voortkomen uit twee verschillende benaderingen zijn niet onderling vergelijkbaar.

De Commissie herinnert er ook aan dat uit het FAO-verslag duidelijk blijkt dat, uit het oogpunt van klimaatverandering graasdieren, met name extensief gehouden schapen, de meest negatieve invloed hebben wegens het daarvoor vereiste areaal. Intensieve veehouderij wordt daarom, met betrekking tot het klimaat, beschouwd als een meer efficiënte manier om in dierlijke producten te voorzien. Om deze vergelijking te kunnen maken moeten echter zowel de volledige cyclus van ingevoerd veevoeder als de gevolgen van intensieve veehouderijsystemen op de water- en luchtkwaliteit in aanmerking worden genomen.

De context en de ontwikkelingen in de EU variëren sterk; de oppervlakte permanent grasland neemt af (daling met 5 % tussen 1990 en 2000) en de oppervlakte beboste gebieden neemt toe. De EU wordt gekenmerkt door een brede variatie in veehouderijsystemen, zowel wat diersoorten, voedingspatronen en grondgebruik betreft. Veel veehouderijsystemen, met name graasdierhouderij, hebben een belangrijk ecologisch nut zoals het onderhoud van graasweiden en de daarbij horende habitats, en de instandhouding van de diversiteit van de Europese landschappen. Bovendien dient grasland als koolstofreservoir omdat het over het algemeen meer organisch bodemmateriaal bevat dan vergelijkbare akkerbouwgrond. Doordat grasland vaak een hoger gehalte aan voedingsstoffen heeft en minder vatbaar is voor bodemerosie biedt het een betere bescherming van grondwater.

Wat de consumptie van dierlijke producten betreft, moet de gematigde consumptie in de EU worden vergeleken met de wereldwijd toenemende vraag naar dierlijke producten. Zoals aangegeven in het vierde beoordelingsverslag van de IPCC (1) kan deze tendens wijzigingen in het grondgebruik in ontwikkelingslanden, zoals het omzetten van bossen in grasland of akkerbouwgrond voor het verbouwen van veevoer, stimuleren. Terwijl de wereldwijde consumptie van dierlijke producten toeneemt, kunnen de maatregelen die in de EU worden getroffen om de consumptie te doen afnemen, leiden tot verplaatsing van de veehouderijactiviteiten en de daarmee gepaard gaande uitstoot naar ontwikkelingslanden, wat op zijn beurt onduidelijke gevolgen heeft voor de wereldwijde uitstoot door de landbouw. De Commissie is daarom van mening dat, zoals het FAO-verslag ook aangeeft, de vraag naar dierlijke producten en de bescherming van het milieu met elkaar worden verzoend.

De Commissie is het ermee eens dat de inspanningen om de uitstoot door de veehouderij verder te doen afnemen, moeten worden gehandhaafd en zelfs opgevoerd. Bij de laatste hervormingen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) heeft de Commissie belangrijke stappen gezet om de steunregeling voor de veehouderijsector te veranderen. Door de betalingen geheel of gedeeltelijk los te koppelen van de productie en door randvoorwaarden op te leggen is de intensieve productie aanzienlijk veel minder aantrekkelijk geworden. In het plattelandsbeleid voor 2007-2013 zijn ook doelstellingen op het vlak van klimaatverandering opgenomen. In de communautaire strategische richtsnoeren voor plattelandsontwikkeling is klimaatverandering een van de belangrijkste doelstellingen voor de huidige programma's.

De voorstellen van de Commissie in verband met de gezondheidscontrole van de GLB omvatten onder andere de versterking van de maatregelen voor plattelandsontwikkeling die zijn toegespitst op steun voor de vermindering van en de aanpassing aan de klimaatverandering, biodiversiteit en efficiënter waterbeheer. Deze maatregelen zullen, samen met de milieuregelgeving die met randvoorwaarden is aangevuld, verder bijdragen aan de duurzaamheid van de landbouw in de EU.

(1) Smith, P., D. Martino, Z. Cai, D. Gwary, H. Janzen, P. Kumar, B. McCarl, S. Ogle, F. O’Mara, C. Rice, B. Scholes, O. Sirotenko, 2007: Landbouw. Klimaatverandering 2007: vermindering. Bijdrage van derde werkgroep aan het vierde beoordelingsverslag van de Intergouvernementele werkgroep inzake klimaatverandering.


GroenDe enige partij die sociaal én milieuvriendelijk is.

www.groen.be

De Groenen/EVAGroenen en Europese Vrije Alliantie in het Europees Parlement.

www.greens-efa.eu

Sympathisant, ijveraar, pertinente vraag of melding...?