|
|
De Tobintaks is geen kwestie van liefdadigheid'De Tobintaks is een door en door structurele, realistische maar
toch zeer bescheiden maatregel. Het is een zeer goede methode om de huidige spontane golf van solidariteit om te
zetten in structurele solidariteit op lange termijn'
We moeten minister van
Ontwikkelingssamenwerking Armand De Decker steunen in zijn pleidooi voor een Europese Tobintaks, in een poging
om de solidariteit met Zuidoost-Azië structureel vast te leggen. Maar de Tobintaks is meer dan liefdadigheid
alleen.
Minister van Ontwikkelingssamenwerking Armand De Decker wil de natuurramp
in Zuidoost-Azië en de wederopbouw van de regio aangrijpen om in de hele Europese Unie een Tobintaks in te
voeren. Deze heffing op grote financiële transacties werd vorig jaar goedgekeurd in België, maar treedt slechts
in werking als zij in de hele EU ingevoerd wordt.
Attac-Vlaanderen wil de minister
feliciteren voor deze demarche. Het is bovendien positief dat minister De Decker het momentum om in Azië aan
wederopbouw te doen aangrijpt om aandacht te vragen voor de noden in de rest van de wereld. Toch wil
Attac-Vlaanderen een aantal belangrijke kanttekeningen plaatsen bij de manier waarop de Tobintaks hier gepromoot
wordt.
Natuurlijk is de Tobintaks een geschikt instrument voor een alternatieve
financiering van ontwikkelingssamenwerking. Alleen... de Tobintaks is zoveel meer en door ze te herleiden tot
een financieringsinstrument dreigt deze heffing ingeschreven te worden in een liefdadigheidsverhaal. Met
liefdadigheid op zich is er uiteraard helemaal niets mis. De enorme hoeveelheid fondsen die nu opgehaald worden
om de gevolgen van de vreselijke natuurramp in Zuidoost-Azië te bestrijden zijn een goede zaak en de
solidariteit van onze bevolking is hartverwarmend.
Er is wel iets mis als men de
illusie koestert en zelfs versterkt dat liefdadigheid de structurele ongelijkheden in deze wereld kan
rechttrekken. Dat kan liefdadigheid niet. Juist hier wil de Tobintaks iets ten gronde veranderen. Deze belasting
is een poging om de wurggreep van de geglobaliseerde financiële markten op democratische politieke
besluitvormingsprocessen los te maken door destructieve speculatieve kapitaalstromen zoveel als mogelijk uit te
schakelen. Liefdadigheid kan Zuidoost-Azië niet redden.
De jongste dagen wordt er
in de media een discussie gevoerd over hoe de spontane golf van solidariteit die op gang kwam na de tsoenami in
Zuidoost-Azië omgezet kan worden in structurele hulp op lange termijn. Verschillende commentatoren koppelden
hier een oproep aan om eindelijk werk te maken van het optrekken van de bedragen van ontwikkelingshulp tot 0,7
procent van het bbp, zoals al in de jaren 70 van de vorige eeuw afgesproken, maar nooit gerealiseerd werd. Op
zich is dat een goed voorstel, want op die manier kunnen diegenen die zichzelf nu als gulle schenkers in de
schijnwerpers werken bewijzen dat het hen echt menens is met het ondersteunen van de getroffen landen.
In dezelfde discussie ontstond ook enige deining over het voorstel van minister voor
Ontwikkelingssamenwerking De Decker om de Tobintaks Europees in te voeren om zo de middelen te genereren waarmee
de noden in de getroffen landen gelenigd kunnen worden. Het werd door weinige commentatoren begrepen, maar De
Deckers voorstel is het perfecte instrument voor het omzetten van de spontane golf van solidariteit in
structurele hulp op lange termijn. Ironisch genoeg begon de Tobintaks aan haar tweede leven na die andere crisis
die Zuidoost-Azië trof, namelijk de financiële crisis van 1997. De overheden in de regio keken toen machteloos
toe hoe het kapitaal in een mum van tijd het land verliet, hun economieën instortten en de speculanten enorme
winsten maakten. Sindsdien heeft de andersglobalistische beweging campagne gevoerd voor de Tobintaks (in de
Spahn- of tweetrapsvariant).
Met die Tobintaks krijgen regeringen enerzijds een
monetair instrument in handen dat ze kunnen aanwenden in crisissituaties en hen dus politieke controle over de
financiële markten geeft. Het remt bovendien financiële speculatie af. Anderzijds is de Tobintaks een eerste
stap richting internationale fiscale rechtvaardigheid waarbij middelen structureel herverdeeld worden van rijk
naar arm. Terwijl de traditionele ontwikkelingshulp (de 0,7-procentnorm) gefinancierd wordt door nationale
belastingsystemen, waarbij de belastingdruk onrechtvaardig zwaar doorweegt op arbeid, terwijl grote vermogens en
bedrijfswinsten steeds meer buiten schot blijven, komt het geld dat de Tobintaks genereert van de grote
poenpakkers op de financiële markten. De Tobintaks is dus gebaseerd op het rechtvaardige fiscale principe dat de
sterkste schouders de zwaarste lasten dragen.
De Tobintaks is met andere woorden
een door en door structurele, realistische maar toch zeer bescheiden (0,02 procent) maatregel. Het is een zeer
goede methode om de huidige spontane golf van solidariteit om te zetten in structurele solidariteit op lange
termijn. Liefdadigheid kan dan wel directe noden lenigen bij natuurrampen, maar op lange termijn zijn enkel
structurele maatregelen afdoende. Het zou een mooi symbool zijn mochten de gebeurtenissen in Zuidoost-Azië
opnieuw een cruciale rol spelen in de strijd voor een wereldwijde invoering van de Tobintaks.
Sommigen doen de Tobintaks af als een symbool, een maatregel die sympathiek oogt maar weinig
realistisch is. Los van het feit dat ze zelf zelden een werkbaar structureel alternatief naar voren kunnen
schuiven, worden politieke dooddoeners gebruikt om de Tobintaks te kelderen. Zo zou die onrealistisch zijn omdat
maar één land ter wereld er zich tot nog toe bij aangesloten heeft. Dezelfde commentatoren zouden echter ook
kunnen schrijven dat de voorstanders van de Tobintaks in België vijf jaar geleden voor gek verklaard werden,
maar de wet er nu toch maar mooi is. Ze zouden kunnen schrijven dat ook Canada en Frankrijk zich principieel
akkoord verklaarden met de Tobintaks en dat een groeiend Europees en globaal netwerk actie voert voor de
wereldwijde invoering ervan. Ze zouden kunnen schrijven dat Spanje, Frankrijk, Brazilië en Chili zich onlangs in
het Landau-rapport over innovatieve financieringsmechanismen voor ontwikkeling achter de Tobintaks schaarden en
dat ze hoog op de agenda van de VN staat.
Ze zouden kunnen schrijven dat sociale
verandering een langzaam, maar noodzakelijk proces is, waarbij men niet anders kan dan buiten de bestaande
politieke machtsverhoudingen denken. Dat is net het wezen van structurele maatregelen. Dat is de essentie van de
andersglobalistische politiek en van de strijd voor een andere, meer rechtvaardige wereld.
Het siert minister De Decker dat hij als liberaal zijn steentje daartoe wil bijdragen en zijn
nek uitsteekt voor de Tobintaks.
Deze bijdrage werd geschreven door Attac
Vlaanderen in naam van FAN (Financieel Actie Netwerk). Ondertekenaars: Eric Goeman (woordvoerder Attac
Vlaanderen), Rudy De Meyer (studiedienst 11.11.11), Ann De Jonghe (Broederlijk Delen)
Dit standpunt wordt verder ondersteund en ondertekend door: Els Van Weert
(staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling en Sociale Economie), Dirk Van der Maelen (fractieleider SP.A in de
Kamer), Vera Dua (voorzitter Groen!), Geert Lambert (voorzitter Spirit), Frank Beke (burgemeester stad Gent),
Anne Van Lancker (Europees parlementslid SP.A), Mia De Vits (Europees parlementslid SP.A), Bart Staes (Europees
parlementslid Groen!), Jan Renders (voorzitter ACW), Andre Kiekens (algemeen secretaris Wereldsolidariteit),
Ferre Wyckmans (algemeen secretaris LBC-NVK), Mil Kooyman (algemeen gewestelijk secretaris ABVV Scheldeland),
Koen Steel (nationaal voorzitter KWB), Rudy De Leeuw (federaal secretaris ABVV), Ann Van Laer (nationaal
secretaris ACV), Stijn Oosterlynck (wetenschappelijke raad Attac Vlaanderen), Karel Teck (algemeen secretaris
11.11.11), Ronald Commers (hoogleraar UGent), Guy Desolre (adjunct-gouverneur Vlaams-Brabant, prof. em. ULB),
Mark Elchardus (hoogleraar sociologie VUB), Ludo Abicht (docent filosofie), Kristien Hemmerechts (auteur),
Geertrui Daem (auteur), Piet Saey (hoofddocent UGent, vakgroep geografie), Rik Pinxten (prof. UGent), Koen Raes
(gewoon hoogleraar ethiek, UGent), Gie van den Berghe (ethicus, historicus), Chris Kesteloot (gewoon hoogleraar
KU Leuven), Chantal De Smet (hoogleraar Hogeschool Gent), Anne Provoost (auteur), Mong Rosseel (theatermaker),
Laurent Winnock (voorzitter Animo), Frank Stappaerts (voorzitter HV Antwerpen), Eric Corijn (prof. VUB), Nic
Balthazar (televisiemaker), Gily Coene (lerares moraal), Meryem Kaçar (ex-senator Groen!, advocaat), Jan Vranken
(gewoon hoogleraar Universiteit Antwerpen), Jef Tavernier (Vlaams parlementslid Groen!), Jaap Kruithof
(filosoof), Jeroen Adam (onderzoeker vakgroep studie van de derde wereld, UGent), Koen Tsijen (federaal
volksvertegenwoordiger Spirit), Jos Bex (Vlaams parlementslid Spirit), Lieven De Cauter (filosoof, KU Leuven),
Walter Zinzen (gepensioneerde journalist), Christophe Scheire (Netwerk Vlaanderen), Lieven Denys (prof. Europees
fiscaal recht, VUB), Mieke Vogels (Vlaams volksvertegenwoordiger Groen), Hendrik Opdebeeck (prof. fac. L&W, fac.
TEW. UA), Said El Khadraoui (Europees parlementslid SP.A), Annuschka Vandewalle (FOS - Socialistische
Solidariteit), Hendrik Bogaert (federaal volksvertegenwoordiger CD&V), Roel Deseyn (federaal
volksvertegenwoordiger CD&V), Suzette Verhoeven (algemeen voorzitster KAV), Anne-Marie Baeke, Hans Bonte, Dylan
Caesar, Cemal Cavdarli, Hilde Claes, Philippe De Coene, Magda De Meyer, Maya Detiège, Dalila Douifi, David
Geerts, Karin Jiroflee, Patrick Lansens, Jan Peeters, Guy Swennen, Greet Van Gool, Inga Verhaert (allen
SP.A-volksvertegenwoordigers), Staf Nimmegeers (SP.A-senator), Stijn Bex, Walter Muls, Annemie Roppe, Annelies
Storms (allen Spirit-volksvertegenwoordigers).
THEMA'S: 0 |
Door Attac Vlaanderen in naam van
FAN. Bart Staes ondertekende de tekst samen met vele anderen. op 14/01/2005 - categorie : Opinie - 
verstuur dit artikel aan een vriend
|
|